Checklists
Laatst gewijzigd op: 13 oktober 2019

Technostress: een belangrijk arbeidsrisico

Technologische ontwikkelingen volgen elkaar steeds sneller op. Voor de bedrijfsvoering is dat een voordeel. Gegevens worden sneller en efficiënter uitgewisseld, er is meer informatie beschikbaar en het vergemakkelijkt thuiswerken. Voor werknemers zijn er grote voordelen maar er is ook een keerzijde. De grenzen tussen werk en privé vervagen en er zijn medewerkers die het allemaal niet meer kunnen volgen. Bij veel gebruik van de smartphone kan er zelfs verslaving optreden. Gevolg kan zijn dat medewerkers hierdoor technostress ervaren. De werkgever moet deze vorm van psychosociale arbeidsbelasting (PSA) beperken. Wat kan hij eraan doen en wat is de rol van de OR?

Technostress in de RI&E

Technologie maakt het mogelijk dat we altijd bereikbaar zijn. Hierdoor gaan werk en privé door elkaar heen lopen. Kijk maar eens rond hoeveel collega’s op het werk hun sociale media bijwerken en thuis de werkmail bekijken en beantwoorden. Vaak doen mensen dat omdat ze bang zijn dat ze iets missen. Dit gedrag leidt uiteindelijk tot onzekerheid, dwangmatig checken en in paniek raken als er ‘geen bereik’ is.

Terwijl de techniek vroeger zorgde voor meer vrijheid, leidt het nu tot stress. Technostress is een vorm van psychosociale arbeidsbelasting en hoort thuis in de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E). Kijk bij het behandelen van de instemmingsaanvraag of er aandacht is voor technostress en er voldoende concrete maatregelen in het plan van aanpak staan.

Bespreek met de bestuurder of het aanstellen van een preventiemedewerker PSA zinvol is. Laat deze behalve aan de ‘normale’ PSA-factoren ook aandacht besteden aan het effect van nieuwe technologie op de medewerkers. Deze preventiemedewerker kan ook advies geven over de arbo-aspecten bij het aanschaffen en invoeren van nieuwe technologie.

Altijd aan het werk

Met de opkomst van nieuwe technologie is de grens tussen werk en privé aan het vervagen. Het management stuurt op output en laat de wijze hoe dit te realiseren aan de medewerkers over. Technologie is daarbij een krachtig hulpmiddel. Een mailtje sturen uit de trein, SMS-en vanaf het sportveld, een presentatie maken op zondag, voor je het weet ben je constant aan het werk.

Voor sommige medewerkers is het ‘normaal’ om laat in de avond of in het weekend collega’s nog te sms-en, mailen of zelfs te bellen. Leg je oor eens te luisteren bij de achterban of men stress ervaart door het continue bezig zijn met het werk. Heldere afspraken over de tijden waarop werknemers elkaar benaderen zijn dan onvermijdelijk. En niet te vergeten een goede registratie van werktijden ook van de “buiten” kantoor gemaakte uren.

Het privégebruik van een zakelijke telefoon is ook een risico. Werknemers denken vaak dat het controleren van hun werkmail een logische tegenprestatie is voor het privégebruik van het zakelijke toestel. Kijk als ondernemingsraad eens kritisch naar de telefoonregeling en check of dit past binnen een goede zorg voor de arbeidsomstandigheden binnen uw organisatie

Nachtmerrie

Bij automatisering moet u niet alleen denken aan software voor op kantoor. In de industrie wordt het oude machinepark vervangen door nieuwe volledig computergestuurde exemplaren. Voor velen is dit een uitdaging, maar er zijn medewerkers voor wie dat een nachtmerrie is. Hun zorgvuldig opgebouwde expertise waaraan ze vaak ook een deel van hun status ontlenen is van de ene dag op de andere nutteloos geworden. Lampen, relais en drukknoppen maken plaatst voor een beeldscherm.

Zorg dat je bij de invoering van nieuwe technologie in een vroegtijdig stadium betrokken wordt. Check of de gebruikers mee mogen denken, er voldoende opleiding en experimenteertijd wordt gegeven en of de user interface ontwikkeld wordt door een specialist in dat vakgebied.

Cyberpesten

Volgens de Arbowet moet de werkgever een beleid voeren dat seksuele intimidatie en pesten voorkomt. Moderne communicatiemiddelen zijn een laagdrempelige manier om ongewenst gedrag te vertonen. Denk aan het sturen van haat-sms’jes, ongevraagd filmpjes en foto’s op Facebook zetten en collega’s zwartmaken op sociale media. Maar ook stelselmatig e-mails van een collega niet beantwoorden valt onder pestgedrag. Het is ook zo eenvoudig: één druk op de knop en het bericht staat op internet (terwijl verwijderen een stuk lastiger is).

Waar ‘gewoon’ pesten ophoudt na werktijd, kan digitaal pesten ook daarbuiten doorgaan. Logisch dat de impact van pesten heel groot is, en niet alleen op degene die gepest wordt, maar ook op zijn omgeving.

Op grond van de Arbowet is de werkgever verplicht om pesten te voorkomen of beperken. Maar dat is lastiger dan het lijkt. Een gedragscode kan werknemers wijzen op wat wel en niet toelaatbaar is. Kijk als ondernemingsraad of er vragen over pesten via social media, zowel op het werk als privé, in de RI&E zijn opgenomen. En uiteraard of er in het plan van aanpak de juiste maatregelen zijn opgenomen.

Als uit de huidige RI&E blijkt dat medewerkers stress ervaren door nieuwe technologie is het tijd voor een update van de RI&E. Hiermee worden risicofuncties en werkzaamheden beter in kaart gebracht en kunnen op de juiste plekken maatregelen worden genomen.

OR verzuipt in de informatie

Internet is een bijna onuitputtelijke bron van informatie voor de OR. Als u gaat zoeken, verzamelt u al gauw meer informatie dan u nodig heeft. Er zijn veel fora met daarop de meest goedbedoelde collegiale tips. Omdat u niet weet hoe betrouwbaar de informatie is, kan onzekerheid ontstaan. Hierdoor kan de werkdruk toenemen.

Vroeger was parate kennis erg waardevol, maar tegenwoordig ligt de nadruk op het beheersen van goede zoekstrategieën en het actief gebruiken en onderhouden van sociale netwerken. Neem deze verschuiving mee in het OR-opleidingsplan. Leer vaardigheden aan die passen bij deze tijd zoals grote hoeveelheden informatie selecteren en beoordelen en timemanagement.

Stem met de bestuurder af dat er een preventief medisch onderzoek wordt aangeboden aan medewerkers waar vanuit de RI&E blijkt dat ze een risicogroep vormen. Denk hierbij aan veel thuiswerken, beeldschermwerk en het gebruik van snel veranderende computertechnologie.