Nieuws
Publicatiedatum: 3 december 2020
Pensioen

AOW gaat minder snel stijgen

De AOW-leeftijd stijgt vanaf 2026 minder snel. Als de levensverwachting na 2026 met één jaar stijgt, stijgt de AOW-leeftijd voortaan met acht maanden. Het wetsvoorstel Verandering koppeling AOW-leeftijd regelt dat de AOW leeftijd op een andere manier wordt gekoppeld aan de gemiddelde levensverwachting. De Eerste Kamer heeft op 1 december ingestemd met dit voorstel, dat onderdeel uitmaakt van het nieuwe pensioenakkoord.

AOW

Het wetsvoorstel moet de leeftijd waarop mensen recht krijgen op AOW  minder snel laten stijgen. In de afgelopen jaren is de AOW-leeftijd fors gestegen, maar niet iedereen kan tot de AOW-leeftijd te blijven werken. Daarom komt er vanaf 2026 een twee-derde-koppeling: Neemt de levensverwachting met één jaar toe, dan stijgt de AOW-leeftijd met acht maanden. Op dit moment is er sprake van een-op-een koppeling: als de levensverwachting met een jaar toeneemt, dan stijgt de AOW-leeftijd ook met een jaar. Door instemming van de Eerste Kamer met het wetsvoorstel, stijgt de AOW-leeftijd de komende jaren als volgt:

  • 2020: 66 jaar en vier maanden;
  • 2021: 66 jaar en vier maanden;
  • 2022: 66 jaar en zeven maanden;
  • 2023: 66 jaar en tien maanden;
  • 2024: 67 jaar;
  • 2025: 67 jaar;
  • 2026: afhankelijk van levensverwachting.

Oudere werknemer wil door

Uit onderzoek van TNO en CBS blijkt dat oudere werknemers na de pensioengerechtigde leeftijd graag nog even door willen. Hier staan wel enkele voorwaarden tegenover, zoals minder werkuren en lichter werk. Bijna de helft van de respondenten tussen de 45 en 65 jaar geeft aan langer door te willen.

Uitgelicht
Uitgelicht